Jump to content


Photo

Coeck, Ludo (1972-1983)

Ludo Boum

  • Please log in to reply
2 replies to this topic

#1 Gascar

Gascar
  • Administrators
  • 5,430 posts
  • My team:RSCA
  • Favorite Team:
    Juventus

Posted 23 April 2013 - 14:25

Ludo_COECK_Panini_Anderlecht_1983.png

 

Date of birth: 25.09.1955 in Berchem († 09.10.1985)
Nationality:  Belgium
Position: Defending midfielder
Height / Weight: 184 cm / 75 kg
International: 46 caps, 4 goals (1974-1984) [WC'82,EC'84]
Youth clubs: Berchem Sport (1965-1971)
Nickname: "Ludo Boum"
First appearance: 26.11.1972 : Anderlecht v Standard
Last appearance: 28.05.1983 : Anderlecht v Cercle
 

8674203587_3615d357e5_h.jpg

 

NL:

Ludo Coeck


Ook Lozano had ongetwijfeld kunnen getuigen over het leven van en naast Ludo Coeck, of Ludo Boum, de rijzige middenvelder die op zijn dertigste jammerlijk verongelukte en naar wie kort daarna het Antwerpse toernooi Ludo Coeck werd genoemd. De Spaanse Antwerpenaar had dan mooie verhalen kunne vertellen over hun vriendschap, over het Cederhof in Wilrijk, waar beide rasvoetballers tussen de trainingsuren zo graag gingen biljarten, over de talrijke vrolijke avonden die ze samen hebben meegemaakt, over de vele voetbalsuccessen die ze hebben gedeeld. Maar Lozano heeft zijn eigen verhaal, en daarin krijgt Coeck zijn eigen hoofdstuk, wat het mooiste eresaluut is dat hij aan zijn overleden vriend kon geven.

 

Ludo CoeckWant er was ook Raymond Goethals. Ook hij was een bevoorrechte getuige in het voetballeven van Ludo. "Je kon niet beter kiezen," zegt hij daar zelf over. "De Ludo heeft bij mij eigenlijk zijn weg gemaakt. Eerst bij de Uefa's, dan bij de nationale ploeg en later, vanaf '76, nog drie jaar bij Anderlecht, hij was toen nog maar 21 jaar." De elegante middenvelder behoorde toen al tot de groten van het Belgische voetbal: zijn carrière was al vijf jaar eerder begonnen. Goethals: "Ik heb hem leren kennen toen ik trainer was van de nationale ploegen. Ik deed ze toen allemaal: de Uefa's, de beloften, de B-ploeg en de A-ploeg. In die periode begonnen we trouwens ook met de provinciale selecties. Ludo was vijftien, speelde bij de juniores van Berchem, achter den terrain, ik heb hem gepakt bij de Uefa's. Met die ploeg hebben we ons in een zware reeks, met Spanje en Portugal, gekwalificeerd voor het EK in Italië, geloof ik. In die ploeg speelden, behalve Coeck, Swat Van der Elst, Jos Daerden, Debougnoux,... een dikke ploeg. Dat jaar kwam Ludo door zijn prestaties met de nationale Uefa's ook in de eerste ploeg van Berchem, Rik Coppens was er toen trainer, denk ik. Een paar maanden later al haalde Anderlecht hem weg, je kan dus zeggen dat ik hem voor hen ben gaan halen. Hij had alles: een formidabele traptechniek, een uitstekende pas, een postuur, kopspel, intelligentie... Kortom: een geboren talent. Toen liet hij al grote momenten zien. Hij kon een pas geven vanop dertig of veertig meter op je neus. Hij was toen ook al een plezante gast. Hij had plezier met niks. En hij kon nogal lachen. Zonder te willen zeggen dat hij een bon vivant was, ik weet niet hoe hij privé was... (peinzend) Ik ben nog op zijn trouwfeest geweest, later is hij gescheiden, geloof ik... De Ludo, ik heb veel plezier aan die jongen gehad. We hadden een heel goed contact. Maar het was dan ook moeilijk om dat met een jongen als Ludo niet te hebben." Want Ludo, joviaal en goedlachs, veroverde harten. De modieuze en goedogende Antwerpenaar was ontegensprekelijk een levensgenieter die graag en veel en vooral hard lachte, zijn bulderlach was zijn handelskenmerk, "dat pakken ze mij nooit af," placht hij te zeggen.

 

Al van kleinsaf droomde Coeck (25 september 1955) van een voetbalcarrière. Het bekende verhaal: het beste voetballertje op straat, op zijn negende bij Berchem Sport en amper zestien jaar toen hij er debuteerde in het eerste elftal. Tegen Beringen was dat, hij maakte ook meteen een goal. Zoveel talent mocht Anderlecht zich niet laten ontglippen, maar zijn vader zag liever zijn zoon wat langer op het Rooi, ook om hem in de gelegenheid te stellen zijn middelbare studies te kunnen afmaken. Maar Vanden Stock zwaaide met een loonbriefje van 10.000 frank per maand, Ludo zou door een privé-chauffeur worden opgehaald en de clubs hadden al een overeenkomst. Het werd Anderlecht. Waar de middenvelder het aanvankelijk moeilijk kreeg, het zou nog enkele maanden duren vooraleer hij een plaatsje in het eerste elftal kon afdwingen. Half november 1972 debuteerde hij tegen Standard Luik, hij speelde een schitterende wedstrijd. Goethals: "Hij was pas zeventien, zeker? In een ploeg die veel sterker is en waarin je goed geëncadreerd wordt, kon dat. Nu is dat al veel moeilijker. Nu is het meer atletiek, meer fysiek. Maar de ludo was een werker, zelfs op training, een vedette avant la lettre, maar anders. Een echte prof die altijd zijn match speelde."

 

Coeck, die in zijn kinderjaren steeds Gianni Rivera als groot idool had, was een benadigde middenvelder met een uitstekende kijk op het spel, met zowel defensieve als offensieve kwaliteiten, een uitstekende lange pas en een schitterend en loodzwaar schot, vooral in zijn linker. Niet voor niets had hij in zijn jeugdjaren al de bijnaam Ludo Boum. Overigens kon hij op meerdere posities spelen: in zijn eerste jaar op Anderlecht speelde hij zowat overal, bij de nationale ploeg profileerde hij zich meermaals tot een echte spelmaker. Goethals: "Neen, hij was geen numéro dix, die spelen vlak achter de spitsen. Hij was meer een nummer zes." Ivic schoof hem liever wat meer achteruit, Van Himst zag hem weer offensiever. Na het vertrek van Ivic liet Coeck in elk geval noteren: "Ivic zei: Ludo, als je achteraan speelt, krijgen wij per seizoen tien doelpunten minder tegen. Van Himst daarentegen: "Met Coeck in het middenveld maken we tien goals meer." Goethals: "Met zune traptechniek moet zo'n speler op dertig, veertig meter van de goal voetballen, zonder meer."

 

Ludo Coeck & Juan Lozano

 

Elf jaar zou hij bij Anderlecht blijven, van '72 tot '83. Palmares: twee landstitels, vier bekers, en vooral: vier Europese bekerfinales. In '76 4-2 winst tegen West Ham, in '77 2-0 verlies tegen Hamburg, in '78 4-0 winst tegen Austria Wien en in '83 winst tegen Benfica (1-0 en 1-1). Meteen na die laatste finale trok hij naar Inter Milaan, hij behoorde tot de klasse Europese voetballers waar ook clubs als AC Milan en Lazio Roma interesse voor hadden. Maar Coeck, die ook 46 keer international werd, met als hoogtepunt de openingswedstrijd tegen Argentinië op het WK '82, zou zich nooit helemaal kunnen bewijzen in het calcio. In november '83, in een interland in het zwitserse Bern, werd zijn enkel zwaar aangetrapt. In januari drong een operatie zich op, en het seizoen was meteen finaal ten einde voor de Interista. Het volgende jaar wilde Inter de Belg uitlenen aan Ascoli, maar hij bleef sukkelen met die enkel. De optie viel op 1 november weg en hij onderging in december 1984 in Italië een nieuwe enkeloperatie. Het werd uiteindelijk nog een ingewikkelde kluif voor de verzekeringsmaatschappijen. Los daarvan bleef vooral de vraag of hij het ooit zou hebben gemaakt in het calcio.

 

Goethals: "Men zal nooit weten of hij werkelijk Italië had aangekund. Behalve Grün is daar toch geen enkele Belg geslaagd, hein. Scifo: bij Inter niet gespeeld en bij Torino mocht hij na één jaar al weg, dat zegt genoeg. Geloof me, Italianen weten als geen ander: 't is goed of 't is niet goed. Capello, die Desailly in het middenveld liet spelen, is maar één voorbeeld. Maar of Coeck succes had gehaald in Italië, dat kan ik niet zeggen. Hij was in ons land een grote middenvelder, dat mag ik zeggen. Maar hij heeft niet veel geluk gehad in zijn leven."

 

Zeg dat wel. Op zijn achttiende had hij al problemen met zijn rug, en hij zou gedurende zijn carrière in totaal vijf operaties ondergaan. Het begon in de finale van de Europacup 2 in '76 met een zware blessure aan de enkel. Na twee jaar gesukkel werd de enkel in mei '78 geopereerd. In juni '79 en september '81 volgden twee knieoperaties, in januari '84 moest opnieuw de linkerenkel onder het mes en in decmeber '84 bleken nog steeds beensplinters in de enkel aanwezig en drong zich nogmaals een operatie op. De lichamelijke problemen hadden trouwens ook te maken met zijn fysionomie: zijn linkervoet was beduidend kleiner dan zijn rechter.

 

Goethals: "Ik heb hem altijd weten sukkelen met zijn voeten. Eerst die operatie van die grote chirurgein van Barcelona, Cabot, later volgden er nog veel. Bij Anderlecht speelde hij altijd met drie schoenen. Hij had voor elke wedstrijd een uur nodig om zijn voeten in te tapen. Eenmaal dat klaar trok hij eerst een speciaal gemaakte leren schoen aan én daarboven nog een botte. Hij moest ook heel voorzichtig zijn, na de wedstrijd moest hij rust nemen, kon hij een paar dagen niet trainen."

 

Blessuregevoeligheid van Ludo CoeckMaar ondanks al die lichamelijke problemen bleef hij een onverbeterlijke optimist. "Ik heb in veel ziekenhuizen zoveel ergere miserie gezien," zei hij vaak. Maar ook een onverbeterlijke optimist moet buigen voor het noodlot. En dat sloeg onwezenlijk hard toe, die donkere herfstnacht in oktober 1985. Ludo was pas dertig geworden, revalideerde nog steeds in België, had de hoop nogniet opgegeven ooit weer te kunnen voetballen op het hoogste niveau. Maar op de autosnelweg in Rumst miste hij met zijn BMW de bocht; hij had snel en intens maar veel te kort geleefd. De voetbalwereld moest verbijsterd en in diepe treurnis afscheid nemen, niet alleen van een schitterende voetballe, maar ook van een stijlvolle en toch volkse jongen. Daardoor viel je nooit en nergens uit de toon en was het moeilijk voor om het even wie om je een kwaad hart toe te dragen, klonken de afscheidswoorden.

 

Goethals: "Het is al meer dan 10 jaar geleden, het gaat toch rap, nietwaar? Ik zat toen in Portugal geloof ik. Ik las het in de krant. Anderlecht verloor een groot talent. In de grote machten stond hij er altijd. De Europese matchen, de Supercup-wedstrijden, tegen Bayern, tegen Liverpool... (nadenkend) In de finale tegen Wenen gaf Ludo de pas aan Van Binst die de derde goal maakte. In Hamburg heeft hij een keer een fameuze match gespeeld. We wonnen met 1-2, hij maakte de eerste goal, en dan een van Rensenbrink in de laatste minuut... Hij kwam van op vijftig meter... Hohoho... Dat zie je niet meer... Ja jong, de Robbie en de Ludo: dat waren nog eens fameuze voetballers..."

 

Bron: 'De Goden van Anderlecht'

 

 

 

FR:

Ludo Coeck

 

Juan Lozano aurait lui aussi pu témoigner de la carrière de Ludo Coeck, surnommé Ludo Boum, le milieu de terrain qui nous a quitté bien trop jeune. Un tournoi à son nom est organisé depuis à Anvers. L'Espagnol aurait pu raconter plein d'histoires sur leur amitié, sur Wilrijk où ils passaient après les entraînements pour jouer billard pendant des heures interminables, sur toutes leurs soirées passées ensemble, sur tous les moments de joie partagés au football. Mais Lozano a sa propre histoire, dont Coeck n'est qu'un chapitre, finalement la plus belle marque de reconnaissance qu'il pouvait donner à son ami.

 

Car il y avait aussi Raymond Goethals. Lui aussi était un témoin privilégié de la carrière de Coeck. "On n'aurait pas pu mieux choisir", disait Raymond la Science. "Chez moi, Ludo a fait son chemin. Tout d'abord avec les UEFA's, ensuite avec l'équipe nationale et enfin à partir de 1976, à Anderlecht pendant 3 ans, alors qu'il n'avait encore que 21 ans". L'élégant milieu de terrain appartenait déjà aux touts grands joueurs de l'histoire du football belge. Sa carrière n'avait commencé que depuis 5 ans. Goethals: "J'ai appris à le connaître lorsque j'étais sélectionneur de l'équipe nationale. Je les faisais toutes à l'époque: les UEFA's, les Espoiirs, l'équipe B et A. A l'époque, on avait aussi commencé avec les sélections provinciales. Ludo avait 15 ans, il jouait en juniors à Berchem, je l'ai fait venir chez les UEFA's. Nous avons décroché la qualification dans notre série, dans un groupe où on retrouvait l'Espagne et le Portugal. Dans la sélection, on retrouvait encore Swat van der Elst, Jos Daerden, Debougnoux... une grosse équipe! Cette année-là, Coeck allait alors être intégré à l'équipe première de Berchem, entraînée par Rik Coppens, je pense. Quelques mois plus tard, Anderlecht venait le chercher, un peu grâce à moi finalement. Ce joueur avait tout: une fantastique technique balle au pied, un jeu de passe extraordinaire, de la prestance, un bon jeu de tête, de l'intelligence. En bref, un talent était né. Il nous faisait déjà vivre des grands moments. Il pouvait distiller des passes de 30 ou 40 mètres avec une précision formidable. C'était aussi un gars agréable. Il s'amusait avec un rien. Et il adorait rire. Sans vouloir dire que c'était un bon vivant, je ne sais pas comment il était dans sa vie privée. J'étais à son marriage, mais il a divorcé ensuite, je pense. Je n'ai que de bons souvenirs de ce joueur. Nous avions un très bon contact. Mais c'était dur quand il n'était pas là". Ludo, si jovial et si marrant, avait conquis les coeurs. L'Anversois savait profiter de la vie, et son rire était devenu sa marque de fabrique.

 

Depuis sa tendre enfance (il est né le 25 septembre 1955), Coeck rêvait d'une carrière dans le football. L'histoire classique: il jouait foot dans la rue, avant de débarquer à Berchem à l'âge de 9 ans, et d'être aligné en équipe première à 16 ans. C'était contre Beringen, et il inscrivait même déjà un but. Anderlecht ne pouvait pas laisser filer tant de talent, mais son père préférait que son fils termine avant tout ses études secondaires. Mais Vanden Stock arrivait avec une offre de 10.000 francs par mois, un chauffeur privé qui déposerait Ludo à l'école. En plus, les deux clubs avaient déjà un accord. Après une difficile période d'adaptation, Ludo parvint a gagner sa place de titulaires après quelques mois seulement. En novembre 1972, il débuta le match face au Standard de Liège et étala la rencontre de toute sa classe. Goethals: "Il n'avait que 17 ans. Mais c'est tout à fait possible quand on est dans une équipe très forte et qu'on y est bien encadré. Maintenant, ce serait bien plus difficile. Désormais, l'aspect athlétique, physique compte davantage. Mais Ludo était un bosseur, même à l'entraînement, une vendette avant la lettre. Un vrai pro qui jouait toujours son match à fond".

 

Coeck, qui avait Gianni Rivera pour idole, était un milieu de terrain très complet, avec une bonne lecture de jeu, et des qualités aussi bien offensives que défensives. Il savait donner des longs ballons, et sa frappe du gauche faisait des dégats. Ce n'est pas pour rien qu'on le surnommait Ludo Boum. De plus, il pouvait évoluer à plusieurs places: un peu partout à Anderlecht lors de sa première saison, plutot en tant que numéro 10 avec l'équipe nationale. Goethals: "Ce n'était pas vraiment un numéro dix, car il ne jouait pas directement derrière les attaquants. C'était plus un numéro 6". Ivic l'alignait plutôt à un poste défensif, alors que Van Himst préférait lui attribuer une tâche plus offensive. Après le départ d'Ivic, Coeck fit la réflexion suivante: "Ivic m'a dit un jour: 'Ludo, quand tu joues derrière, on encaisse dix buts en moins par saison'. Van Himst disait: 'Avec toi dans l'entrejeu, on marque dix buts de plus par saison'. Et Goethals: 'Avec une telle aisance, un gars comme Coeck doit évoluer à 30, voire 40 mètres des buts, pas plus'".

 

Il resta pendant 11 saisons à Anderlecht. Palmarès: deux titres de champion de Belgique, 4 coupes de Belgique, et surtout 4 finales de Coupe d'Europe. Victoire 4-2 en 1976 contre West Ham, défaite 0-2 en 1977 contre Hambourg, victoire 4-0 en 1978 contre l'Austria de Vienne, et victoire (1-0 et 1-1) en 1983 contre Benfica. Suite à cette dernière victoire, il partit à l'Inter Milan. C'était un joueur de classe mondiale et suscitait l'intérêt de clubs renommés tels l'AC Milan et la Lazio. Mais Coeck, qui fut aussi cappé à 46 reprises, avec en point d'orgue le match d'ouverture de la Coupe du Monde 1982 contre l'Argentine, n'est jamais parvenu à faire ses preuves dans le Calcio. En novembre 1983, lors d'une rencontre face à la Suisse à Berne, il se blessa gravement. Après une opération en janvier, il devait mettre un terme à sa saison. L'année suivante, l'Inter voulait louer son Belge à Ascoli, mais Coeck ne parvenait pas à se défaire de sa blessure. En décembre 1984, il fut à nouveau opéré à la cheville en Italie. Indépedamment de cela, on se demande encore s'il aurait pu réussir quelque chose dans le Calcio.

 

Goethals: "On ne saura jamais si Coeck aurait pu réussir en Italie. Hormis Grün, aucun Belge n'est parvenu à y réaliser quelque chose. Scifo? Il n'a pas joué à l'Inter, et n'est resté qu'un an à Torino, ce qui veut tout dire. Croyez-moi, les Italiens sont des spécialistes: c'est bon ou ça ne l'est pas! Capello, qui a aligné Desailly dans l'entrejeu, est un exemple parmi d'autres. Mais je ne peux pas dire si l'aventure aurait fonctionné pour Coeck en Italie. Je peux juste affirmer que c'était chez nous un bon milieu de terrain et qu'il n'a pas toujours eu de la chance dans la vie". En effet. A 18 ans, il avait déjà des problèmes au dos et il passera dans sa carrière un total de 5 opérations. Tout a commencé lors de la finale de la Coupe d'Europe II en 1976 avec une grave blessure à la cheville. Après deux ans de soucis, sa cehville fut opérée en 1978. En juin 1979 et en septembre 1981, il fut opéré par deux fois au genou. En janvier 1984, c'était à nouveau la cheville gauche. Une nouvelle opération à la cheville s'avéra nécessaire en décembre 1984 . Ces problèmes physiques trouvaient notamment leur origine dans sa physionomie: son pied gauche était plus petit que son droit.

 

Goethals: "J'ai toujours su qu'il était fragile. Premièrement, cette opération du grand chirurgien de Barcelone, Cabot, et plein d'autres cas plus tard. A Anderlecht, il jouait toujours avec trois chaussettes. Il avait besoin d'une heure avant chaque match pour apprêter ses pieds. Après, il enfilait seulement des chaussures spécialement conçues pour lui. Il devait être très prudent, devait se reposer après un match et rester quelques jours sans s'entraîner".

 

Mais malgré tous ces soucis, Coeck restait un éternel optimiste. "J'ai vu tant de misères dans les hôpitaux par lesquels je suis passé". Mais le destin, malgré son optimisme, n'allait pas l'épargner, une nuit en octobre 1985. Ludo venait de fêter ses 30 ans, poursuivait encore sa revalidation en Belgique, et n'avait toujours pas abandonné l'espoir de rejouer un jour au plus haut niveau. Mais sur l'autoroute, à hauteur de Rumst, il loupa le virage au volant de sa BMW; sa vie fut courte et intense. Le monde du football devait dire adieu à un fantastique footballeur, mais aussi à un gars simple et populaire.

Goethals: "Cela fait déjà 20 ans! J'étais alors au Portugal. Je l'ai appris dans les journaux. Anderlecht a perdu un grand talent. Il était toujours présent dans les grands matchs. Les matchs de Coupe d'Europe, les rencontres de Supercoupe, contre le Bayern, Liverpool... et aussi lors de la finale contre Vienne lorsqu'il fit la passe à Van Binst pour le 3e but. A Hambourg, il aussi livré une superbe prestation. On gagnait 1-2, il marqua le 1er goal, et ensuite un but de Rensenbrink en toute dernière minute... Il est venu des 50 mètres... Ho ho ho! On ne voit plus ça maintenant. Robbie et Ludo... c'était encore des fameux footballeurs".

 


  • Friendly and marc_lb like this

#2 Gascar

Gascar
  • Administrators
  • 5,430 posts
  • My team:RSCA
  • Favorite Team:
    Juventus

Posted 23 April 2013 - 14:29

 

Ludo%252520Coeck%252520%252526%252520Jua

rsca-ludo-coeck-img.jpg


  • Friendly likes this

#3 Gascar

Gascar
  • Administrators
  • 5,430 posts
  • My team:RSCA
  • Favorite Team:
    Juventus

Posted 23 April 2013 - 20:26

8662980288_05b0840272_b.jpg